dinsdag 15 april 2014

Zelfregie en zelfmanagement basis voor participatie samenleving

Zelfregie en zelfmanagement zijn toverwoorden in de nieuwe participatiemaatschappij waarin burgers en patienten mondiger (moeten) worden. Eén probleem: niet iedereen kan voor zichzelf zorgen, niet iedereen wil zorg ontvangen en we hebben vaak geen idee van de keuze-opties! Maar als het lukt, dan levert dat betere zorg op tegen lagere kosten.  


Zelfregie en zelfmanagement
Burgers en patiënten krijgen een steeds actievere rol bij de invulling van de eigen ondersteuning en  zorg. Maar er zijn ook kwetsbare groepen in de samenleving die niet in staat zijn zelf regie over hun eigen leven of hun zorg te voeren. Zo zijn er kwetsbare groepen in de samenleving, zoals ouderen en mensen uit lagere sociaaleconomische milieus, voor wie zelf regie voeren niet lukt.

Dat is een van de conclusies van het rapport ‘Burgers en Gezondheid’, uitgebracht door het RIVM in samenwerking met het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). In het rapport belichten de onderzoekers verschillende kanten van de manier waarop autonomie, eigen regie en verantwoordelijkheid concreet wordt voor burgers en patiënten. Daarbij is onderscheid te maken tussen zorg voor de eigen gezondheid en zorg voor anderen.

Zorg voor de eigen gezondheid: niet iedereen kan het
In totaal heeft 29% van de Nederlanders lage gezondheidsvaardigheden. Dat is bijna 1 op de 3. Zij missen de vaardigheden voor zelfmanagement: om informatie over gezondheid te verkrijgen, te begrijpen, te beoordelen dan wel te gebruiken bij het nemen van beslissingen die te maken hebben met hun gezondheid. Deze groepen zullen ondersteuning op maat moeten krijgen. M.a.w.: niet iedereen kan regisseur van zijn eigen leven zijn

Zorg van anderen: niet iedereen wil het
Zorg voor anderen gaat over de rol van mantelzorgers en vrijwilligers. Nederlanders zijn voorstanders van een samenleving waarin mensen voor elkaar zorgen, en doen veel en vaak vrijwilligerswerk. Bijna iedere burger is bereid om incidenteel hulp te verlenen aan ouders of bekenden. De helft (50%) wil dit zelfs vaak doen.

Het gevoel om voor een naaste te moeten zorgen botst echter met de behoefte aan vrijheid om zelf keuzes te maken. Een verplichting kan daardoor demotiverend werken. Bovendien zijn er maar weinig mensen (25% van de 65-plussers) die langere tijd hulp van familieleden willen ontvangen. Deze resultaten sluiten aan op eerder onderzoek, lees mijn andere blogs over burgerkracht en burgerparticipatie.

Samenwerken met de patient
Huisartsen, praktijkondersteuners en praktijkverpleegkundigen doen er goed aan om initiatieven op het gebied van zelfmanagement en e-health voor chronische patiënten niet kritiekloos te omarmen. Zij moeten de geschiktheid en kansrijkheid voor iedere patiënt afzonderlijk zorgvuldig afwegen. Het enthousiasme voor zelfmanagement houdt volgens de auteurs geen gelijke tred met het wetenschappelijke bewijs voor de effectiviteit ervan. Zelfmanagement kan winst opleveren (zie verderop). Maar eerst moeten zorgverleners, zorgorganisaties en kennisinstituten inzichtelijk maken hoe zij die winst kunnen verzilveren. Daartoe moeten zij onderling en met patiënten samenwerken.Verder is er een paradigmaverschuiving nodig, waarbij de patiënt vanuit zijn traditionele rol van passieve zorgontvanger moet evolueren tot een actieve partner. Dat schrijft een groep van deskundigen in Huisarts en Wetenschap, meldt Mednet.

Kiezen is vaak lastig
In 2013 vroeg de NPCF patiënten naar hun ervaringen met ‘meebeslissen’. In hoeverre krijgen patiënten keuzes voor bepaalde behandelopties voorgelegd door hun arts? 70% van de 8200 deelnemers geeft aan dat het voor hen belangrijk is dat ze samen met de arts tot een keuze komen, nog eens 28% wilde dat soms. In de praktijk blijkt slechts 39% meerdere opties voorgelegd te krijgen. Zelfregie lukt alleen als je ook inzicht heb in de verschillende opties die mogelijk zijn. 'De patiënt moet goed geïnformeerd zijn om een eigen beeld te kunnen vormen van alle voor- en nadelen van verschillende therapieën en daarin mee te beslissen. In dat opzicht mag er nog wel wat aan de bewustwording van medici gebeuren.’, aldus de onderzoekers.

Zelfmanagement: meer kwaliteit tegen minder kosten
Maar als zelfmanagement lukt, dan leidt tot tot betere kwaliteit en lagere kosten van zorg. Zo gebruiken diabetespatiënten die moeite hebben met zelfmanagement, tussen de 1500 en 2000 euro per jaar meer aan zorg. Ook zijn zij minder tevreden over de zorg en hebben vaker klachten van de diabetes. Dat blijkt uit onderzoek van het Nivel met zorgverzekeraar Achmea. Het onderzoek bevestigt dat mensen die laag scoren, en dus moeite hebben met zelfmanagement, vaker professionele zorg gebruiken met hogere kosten. Ook vinden zij de kwaliteit van zorg ondermaats en hebben zij vaker last van de diabetes. Vooral mensen met de laagste scores steken af tegen andere groepen. 

Kortom, niets is wat het lijkt. De klant in de driver’s seat en de participatiemaatschappij zijn soms gemakkelijker gezegd, dan gedaan.

Bron:  dit onderzoek maakt deel uit van de Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2014 (VTV-2014). De VTV is een rapportage die het RIVM elke vier jaar opstelt in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Rivm.nl, april 2014. NPCF.nl, 2014, Skipr.nl, Zorgvisie.nl, 2014.

Thema: zorg voor de eigen gezondheid is er voor gezonde burgers op gericht om gezond te blijven, en voor patiënten om zelf de regie te houden over de eigen zorg (zelfmanagement). Mensen kunnen zo kiezen voor vormen van preventie en zorg die goed aansluiten bij hun eigen voorkeuren. Bovendien geeft zelfmanagement patiënten meer controle op de behandeling van de aandoening, en daarmee op de aandoening én op hun leven. Alleen wil en kan niet iedereen zelf die regie voeren.




Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen