vrijdag 22 augustus 2014

E-health en online zorg drukken de kosten aanzienlijk

Innovatie biedt kansen om de zorg te verbeteren, de kosten te verlagen en de klantgerichtheid te verbeteren. Daarom ter inspiratie, lering en vermaak een aantal praktijkervaringen met slimme e-health- en ICT-oplossingen in de gezondheidszorg.


1a. Hartfalenpatiënten azM krijgen standaard telebegeleiding thuis
Het azM / Maastricht UMC+ gaat patiënten met chronisch hartfalen thuis intensiever begeleiden en coachen. Bij hun ontslag uit het ziekenhuis krijgen zij voortaan standaard telebegeleiding aangeboden. Deze nieuwe aanpak is de eerste stap op weg naar grootschalige zorgprojecten bij hartfalenpatiënten (mensen met een verminderde functie van het hart) met een cruciale rol voor eHealth.

De zogenoemde TEHAF-studie, uitgevoerd met subsidie van de provincie Limburg, heeft aangetoond dat met telebegeleiding thuis bij patiënten met chronisch hartfalen aanzienlijke gezondheidswinst valt te behalen. Het onderzoek, met als kartrekkers cardioloog prof. dr. Ton Gorgels en verpleegkundig specialist hartfalen Josiane Boyne, laat zien dat het aantal heropnames opmerkelijk daalt in vergelijking met patiënten die geen gebruik maken van telebegeleiding. Onlangs is dan ook in de afspraken met de zorgverzekeraars een speciale vergoeding opgenomen voor de telebegeleiding van patiënten met chronisch hartfalen.
Bron: MedicalFacts, 24-04-2013.

1b. Vergelijkbare oplossing via digitale thuismeetapparatuur
De zorg voor hartfalenpatiënten kan sterk worden verbeterd en er kan 26% op de zorgkosten worden bespaard als hun zorgproces wordt geoptimaliseerd en zij worden ondersteund met digitale thuismeetoplossingen zodat hun gezondheidstoestand stabiliseert. Dat stelt een samenwerkingsverband van zorgverzekeraars Zilveren Kruis Achmea, CZ en VGZ, zes Nederlandse ziekenhuizen en Philips dat vandaag de resultaten bekend  heeft gemaakt van een nieuw praktijkonderzoek.  

De patiënten worden daarbij ondersteund met digitale thuismeetapparatuur. Hiermee konden zij dagelijks hun vitale functies meten en kregen zij ook levensstijladvies. De partijen wisten het aantal verpleegdagen met 57% en het aantal ziekenhuisopnames met 52% te verminderen doordat patiënten veel minder vaak met ernstige complicaties in het ziekenhuis hoefden te worden opgenomen en behandeld. Hierdoor kon de zorg voor het grootste deel in de thuisomgeving plaatsvinden. Uiteindelijk kon zo per patiënt gemiddeld 26% op de zorgkosten worden bespaard. Een extrapolatie van de resultaten zou een jaarlijkse besparing kunnen opleveren van meer dan 80 miljoen euro als de nieuwe werkwijze bij 50% van alle hartfalenpatiënten³ die in Nederlandse ziekenhuizen worden behandeld zou worden ingezet.

Het onderzoek toonde daarnaast aan dat zowel artsen als patiënten tevreden tot zeer tevreden zijn over de nieuw ingerichte zorg. Patiënten lieten ook weten het zeer geruststellend te vinden dat zij dagelijks werden ondersteund vanuit hun zorgverleners met behulp van e-health.
Bron: newscenter.philips.com, 27-11-2014.

2. Online fysiotherapie reduceert zorgkosten
Onderzoek van zorgverzekeraar Achmea en de Radboud Universiteit in Nijmegen wijst uit dat er minder behandelingen nodig zijn met online fysiotherapie. De kwaliteit van zorg is net zo goed als die van de reguliere fysiotherapie.

Het onderzoek was onderdeel van een pilot bij verschillende grote bedrijven en had betrekking op de nieuwe online methode van Hello Fysio. Dat biedt fysiotherapie aan via internet, de webcam en de telefoon. Zo is onderzocht of eHealth op basis van fysiotherapeutische zorg haalbaar is. Ook is gekeken wat de effecten zijn op de kwaliteit van de zorg en wat de voor- en nadelen zijn ten opzichte van reguliere behandeltrajecten. Belangrijk daarbij was om uit te zoeken in welke mate eHealth de zelfredzaamheid van patiënten bevordert.

Bij drie Nederlandse bedrijven kregen 133 werknemers online oefeningen voor de duur van een jaar. De cliënten waardeerden de service gemiddeld met een 8,2. Daarnaast behaalde 91% van de cliënten de doelstelling, is de zelfredzaamheid significant toegenomen en zijn de zorgkosten gereducerd.
Bron: Hello Fysio, 24-04-2013.

3. Spaarne dringt no show met 40 procent terug
Het Spaarne Ziekenhuis in Hoofddorp voert een ziekenhuisbreed no showbeleid in. De maatregel volgt na een proef waarbij het aantal ‘no shows’ op de poliklinieken met 30 tot 40 procent werd teruggedrongen. Bij de paramedische daalde het aantal weggebleven patiënten van ruim 11 procent naar 1 procent.
Patiënten die zonder afmelding hun afspraak niet nakomen, krijgen in het Spaarne een factuur van 45 euro. Wanneer het 06-nummer bekend is, krijgen patiënten als geheugensteuntje 48 uur van tevoren een sms van het ziekenhuis. De afspraak kan tot 24 uur van te voren worden afgezegd.

In 2011 bleven in totaal 18 duizend patiënten in het Spaarne Ziekenhuis zonder afmelding weg bij een afspraak. Dit kost geld en tijd die aan andere patiënten besteed kan worden. Bovendien betekent wegblijven dat patiënten onnodig op een wachtlijst staan. De invoering van het no showbeleid past volgens het Spaarne bij plannen van minister Schippers van VWS om het kostenbewustzijn in de zorg te bevorderen. Volgens het Spaarne reageerden ook patiënten gedurende de proef positief op het no showbeleid. De herinnerings-sms werd erg gewaardeerd en er was begrip voor het beleid om een factuur te sturen.
Bron: Skipr, April 2013.

4. Preventie psychische problemen zonder e-health ondenkbaar
Preventie en behandeling van psychische problemen zonder het gebruik van internet wordt ondenkbaar. Dit concluderen onderzoeker Heleen Riper en collega’s van de vakgroep Klinische Psychologie van de Vrije Universiteit Amsterdam in de ZonMw Kennissynthese 2013.

Internetinterventies blijken effectief, besparen kosten en kunnen een groot publiek bereiken, volgens de onderzoekers. Dit geldt met name voor depressie- en angstpreventie voor mensen met lichte en zwaardere problematiek. Daarnaast stapelen de bewijzen zich ook op voor online suïcidepreventie, preventie van eerste psychosen en overbelasting bij mantelzorgers. Internet wordt ook veelvuldig gebruikt voor de versterking van mentale vitaliteit voor mensen met en zonder psychische problemen.

E-health vormt een belangrijk onderdeel van de toekomstige herstructurering van de geestelijke gezondheidszorg, zoals blijkt uit de recente plannen van VWS. De vraag of e-health hieraan daadwerkelijk een bijdrage kan leveren wordt nu positief beantwoord, zo stellen de onderzoekers. Nederland loopt wereldwijd voorop in het onderzoek naar en implementatie van online preventie en behandeling. Riper en collega’s concluderen eveneens dat voor de bestendiging van online preventie en behandeling anders dan depressie en angst aanvullend onderzoek nodig is. En dat opschaling van deze interventies in de praktijk nog steeds een uitdaging vormt.

De onderzoekers laten ook zien dat innovatieve digitale trends in onderzoek de ontwikkeling van een individuele aanpak van psychische problemen mogelijk gaan maken. Nieuwe onderzoeksmethoden maken het voorstelbaar meer grip te krijgen op voor wie welke preventie en behandeling het meest geschikt is.
Bron: Zorgvisie.nl, 31 mei 2013.

5. Digitaal platform Quli
In 2013 hebben VitaValley en Vital Innovators een maatschappeijke businesscase (Social Return on Investment (SROI)) opgesteld voor Quli. Dit is en digitaal platform dat burgers en cliënten ondersteunt in de regie over hun eigen leven.


De impact van Quli is positief: voor elke geinvesteerde euro komen er drie euro's terug. De winst zit hem vooral bij de zorgverzekeraar en mantelzorger, terwijl de grote 'verliezers' de zorginstelling en behandelaren zijn. Zie onderstaande afbeelding.Belangrijk om te weten als je het businessmodel rondom oplossingen als Quli bouwt.
Bron: VitaValley.nl, augustus 2014.

Kansen en risico's
Als er beter gebruik wordt gemaakt van ICT in de zorg, kan dat een besparing van 400 miljoen euro per jaar opleveren. Dat blijkt uit een onderzoek van economisch onderzoeksbureau NYFER. Tegelijk zitten er ook haken en ogen aan de toepassing van ICT in de gehele zorg, beweren de onderzoekers.

Uit het rapport, dat is opgesteld in opdracht van zorgverzekeraar ONVZ, blijkt dat het gebruik van e-health, oftewel het gebruik van bijvoorbeeld apps en online hulpprogramma’s, de kosten van de zorg veel minder snel zullen stijgen. Zorgverleners kunnen makkelijker informatie uitwisselen en patiënten kunnen vaker zelf taken uitvoeren zoals medicijnbewaking, in plaats van dat een arts dat moet doen.

Volgens NYFER wil het echter niet zo vlotten met de invoering van de ICT-toepassingen. Er zijn twijfels over de beveiliging van de gegevens en artsen vrezen dat er online behandelingen worden aangeboden die niet aan de eisen voldoen. Bovendien kan de invoering van e-health veel geld kosten en vragen om een aanpassing van de manier van werken. Verder wijzen de onderzoekers erop dat de regie ontbreekt bij de invoering van apps en programma’s. Verder vraagt het gebruik van ICT-toepassingen om een cultuurverandering in de zorg, die ook voor patiënten veel voordelen kan bieden.
Bron: ANP, Zorgvisie 29 mei 2013.

Meer aanbod dan vraag
Nederlandse artsen en patiënten maken in vergelijking met het buitenland veel gebruik van e-health-toepassingen. Maar om e-health in Nederland echt succesvol te laten zijn, is er nog wel een lange weg te gaan. Er is namelijk veel meer aanbod aan leveranciers en toepassingen, dan dat er naar vraag is van zorgaanbieders, specialisten en patienten.

Dit blijkt uit de eHealth-monitor 2013 van onderzoeksinstituut NIVEL dat zich vooral richt op de 'cure'. Van de Nederlanders zoekt 66% informatie over zijn ziekte of behandeling op internet. Veel minder mensen gebruiken vormen van e-health voor online contact met hun zorgverlener. Zo maakte bijvoorbeeld slechts 2% van de mensen die een huisarts bezocht, daarvoor via het internet een afspraak.

Patiënten zijn beperkt op de hoogte van de mogelijkheden die artsen aanbieden voor online communicatie. Het gaat dan om voorbeelden als het doen van een zelftest op internet (6%), het online bijhouden van de eigen gezondheidsgegevens (4%) of op de telefoon een herinnering instellen voor het innemen van
medicijnen (2%). Zorggebruikers kunnen bij twee derde van de huisartsen via internet een herhaalrecept aanvragen, terwijl maar een op de vijf zorggebruikers weet dat dit kan.
Bron: eHealth Monitor 2013, Nivel.

Betrek de klant erbij
Bovenstaande geldt ook voor online patiëntenportalen. Die kunnen handig zijn, daarvan zijn velen inmiddels overtuigd. Toch valt het gebruik tegen. Onderzoeksinstituut Vilans zocht uit hoe het beter kan: stap voor stap eenvoudige diensten aanbieden waar gebruikers echt op zitten te wachten zoals online afspraken maken, het e-mail consult en het beeldconsult. Als ze daaraan zijn gewend willen patiënten en zorgaanbieders misschien overstappen op functionaliteiten als labuitslagen of delen van medische dossiers, online meetwaarden doorgeven, individuele zorgplannen bijhouden en uiteindelijk zelfs online coaching.

Vilans roept ontwikkelaars van patiëntenportalen op om samen met zorggroepen te gaan co-creëren. Ontwikkelaars kunnen samen met patiënten en praktijkmedewerkers uitzoeken wat de behoeften zijn, welke voordelen het gebruik heeft, wat ze moeten aanpassen omdat het niet werkt en hoe ze mensen kunnen verleiden om deel te nemen. Dan zal e-health vanzelf meer ingeburgerd raken.
Bron: Kennispleinchronischezorg.nl, 2014.

Drie ambities
Minister Edith Schippers en staatssecretaris Martin van Rijn (beiden VWS) willen ook dat de mogelijkheden van e-health beter worden benut. Lees meer op overheid.nl. Beide bewindslieden hebben in samenspraak met allerlei partijen uit de zorg 3 ambities geformuleerd om via e-health de kwaliteit van leven te verhogen.

  1. Binnen 5 jaar heeft 80% van de chronisch zieken direct toegang tot bepaalde medische gegevens, waaronder medicatie-informatie, vitale functies en testuitslagen, en kan deze desgewenst gebruiken in mobiele apps of internetapplicaties. Van de overige Nederlanders betreft dit 40%. Dit heeft tot effect dat mensen bewuster zijn van hun eigen gezondheid en dat fouten in dossiers bij zorgverleners sneller opgespoord kunnen worden.
  2. Van de chronisch zieken (diabetes, COPD) en kwetsbare ouderen kan 75% die dit wil en hiertoe in staat is, binnen 5 jaar zelfstandig metingen uitvoeren, vaak in combinatie met gegevensmonitoring op afstand door de zorgverlener. Zij kunnen zo de voortgang van hun ziektebeeld volgen en krijgen door de regelmatige feedback inzicht in het effect van hun gedrag op hun ziekte. Dit zal het voor mensen makkelijker en aantrekkelijker maken trouw te zijn aan hun therapie.
  3. Binnen 5 jaar heeft iedereen die zorg en ondersteuning thuis ontvangt de mogelijkheid om - desgewenst - via een beeldscherm 24 uur per dag met een zorgverlener te communiceren. Naast beeldschermzorg wordt hierbij ook domotica ingezet. Dit draagt eraan bij dat mensen langer veilig thuis kunnen wonen.
Om de mogelijkheden van e-health te kunnen benutten en bovenstaande ambities waar te maken, nemen Schippers en Van Rijn maatregelen om de juiste randvoorwaarden te scheppen. Lees meer in de publicatie "De Maatschappij verandert, verandert de zorg ook?".

Doe als Google
De mogelijkheden van e-health worden dus nog niet optimaal gebruikt. Volgens innovatiespecialisten moeten we doen als Google. Die schijnt medewerkers te belonen voor mislukkingen, want dat is de enige manier om te leren hoe het wel moet. Hoeveel beloningen heb jij gekregen?



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen