zaterdag 29 november 2014

Deeleconomie AirBnB en andere deelconcepten

Bedrijven die de nieuwe deeleconomie belichamen zijn hip. Denk aan het Amerikaanse AirBnB en Uber en het Nederlandse Peerby en SnappCar. Hoe komt het dat ze zo succesvol zijn? Het draait om 6 succesfactoren. Pas ze slim toe en je hebt zo je eigen AirBnB.


Deelconcepten timmeren aan de weg
We kunnen er niet om heen. Nieuwe businessmodellen uit de ‘deeleconomie’ timmeren hard aan de weg. Denk aan nieuwe ‘deelconcepten’ zoals het Amerikaanse AirBnB (kamerverhuur) en Uber (taxidiensten) en het Nederlandse Peerby (uitlenen gereedschap) en SnappCar (uitlenen auto). Lees mijn eerdere blog over de opkomst van de sharing economy met diverse voorbeelden. 

Bij deelconcepten spelen er drie partijen een rol. Als eerste de initiatiefnemer en ondernemer die het deelconcept in de markt zet. Als tweede de aanbieder en leverancier van ‘capaciteit’ in de vorm van kamers (AirBnB), taxidiensten (Uber), gereedschap (Peerby) of auto’s (SnappCar). Als derde de afnemer en gebruiker van die kamers, taxidiensten, gereedschappen en auto’s die door anderen worden aangeboden.

Succesnummers
Met name AirBnb en Uber trekken in de media de aandacht. Niet gek als je kijkt naar wanneer ze begonnen en waar ze nu staan. Zo wordt AirBnB medio 2014 gewaardeerd op 10 miljard dollar (7,3 miljard euro). Dat is meer dan de bekende Amerikaanse hotelketens Hyatt Hotels (beurswaarde 8,4 miljard) en Intercontinental Hotels (beurswaarde 8 miljard dollar). Het idee voor de site ontstond in 2007, toen twee ondernemers in San Fransisco besloten hun woonkamer te verhuren tijdens een conferentie, omdat ze zelf de huur van hun appartement niet meer konden betalen. De marktwaarde van taxi-app Uber wordt geschat op zo'n 17 miljard dollar. Uber werd in 2009 opgericht en biedt mensen de mogelijk een taxi te bestellen via een app. Naast professionele taxichauffeurs is er nu ook UberPOP, een deelconcept voor particulieren die een centje willen bijverdienen.

6 succesfactoren
Kortom, de sky is de limit. ‘Dat wil ik ook wel’, hoor ik veel mensen denken. Een analyse van een aantal succesvolle deelconcepten laat zien dat er 6 succesfactoren zijn. Door deze succesfactoren zelf slim toe te passen creëer je je eigen AirBnB (of Uber, Peerby, SnappCar, etc.).

1. Hoger doel
Deelconcepten profileren zich als organisaties met een hoger doel. Dat kan van alles zijn zoals duurzaamheid, maatschappelijke betrokkenheid, mensen verbinden, goed doen, etc. Het gaat volgens de initiatiefnemers niet om kopen en bezitten, maar om (her)gebruiken en delen. Dat is leuker, socialer, minder belastend voor het milieu en beter voor de maatschappij. En dat spreekt steeds meer mensen aan, want het is zoals bestseller auteur Simon Sinek zegt ”People, don’t by for what you do, but why you do it”. Soms menen de initiatiefnemers het echt, soms is het window dressing. Zo kwamen de oprichters van AirBnB op het idee om hun woonkamer te verhuren omdat ze geld nodig hadden.

2. Gebruik van andermans spullen
Deelconcepten maken vooral gebruik van andermans spullen. Ze hoeven niet te investeren in hotelkamers (AirBnB), taxi’s (Uber), gereedschappen (Peerby) of auto’s (SnappCar). Ook hoeven ze niet te investeren in uitvoerend personeel. Consumenten doen namelijk het werk. Deelconcepten gebruiken wat er is en wat jij en ik hebben. Een kamer, een auto voor de deur, voldoende tijd en/of talent en gereedschap in de schuur of kelder. Dit alles heeft twee grote voordelen: je hoeft niet te investeren in spullen (capaciteit) en je kunt gemakkelijk uitbreiden (volume). Zo veel mensen, zo veel kamers, tijd, auto’s en gereedschappen.

3. Gebruik van digitale platformen
Deelconcepten gebruiken digitale platformen met websites (e-commerce), sociale media (netwerken en communities) en apps (persoonlijk en on demand). Dit heeft een aantal voordelen. Door gebruik van websites kan het hele proces geautomatiseerd worden en zijn de transactiekosten laag. Door de netwerkeffecten van sociale media is het gemakkelijk om communities te bouwen en member-get-member effecten te realiseren. Met behulp van apps kan het gebruik gepersonaliseerd worden en is de dienst anytime en anywhere beschikbaar. Tegenwoordig is iedereen 7x24 uur online, surfend, mailend, chattend, app-end en twitterend. De drempel om zo’n dienst te gebruiken is laag en het ‘kijk mij eens’ effect is groot en dit laatste heeft een grote aantrekkingskracht op potentiele deelnemers.

4. Eenvoudig verdienmodel
Deelconcepten hebben een eenvoudig verdienmodel. Het zijn vooral platformen waar op grote schaal vraag en aanbod bij elkaar worden gebracht. Ze verdienen vervolgens aan iedere transactie (makelaarmodel) en vullen dit vaak aan met advertentie-inkomsten (reclamemodel). Voorbeeld: AirBnB is inmiddels in bijna 200 landen actief. Er zijn ruim 500.000 kamers, appartementen en huizen beschikbaar. Op elke verhuur rekent de site een commissie van 6 tot 12 procent voor de huurder en 3 procent voor de verhuurder. Tel uit je winst bij een bezettingsgraad van bijvoorbeeld 50% en een gemiddelde kamerprijs van € 80,-.  Lees het artikel over verdienmodellen.

5. Kracht van de crowd
Deelconcepten maken per definitie gebruik van de kracht van de crowd. De menigte fungeert namelijk als aanbieder en gebruiker van kamers, tijd en talent, gereedschappen en auto’s. Des te meer aanbieders en gebruikers, des te groter de crowd, des te waardevoller het platform voor alle partijen (wet van Metcalfe). De kracht van de crowd wordt versterkt door het bouwen van enthousiaste communities rondom het platform en alle producten en diensten. Slim aangejaagd met free publicity, virals en Word of Mouth (WOM) via sociale media. Met handige mechanismen wordt de betrokkenheid van deelnemers bij het deelconcept vergroot. Denk aan beoordelingssystemen en loyaliteitsprogramma’s waarmee deelnemers worden beloond en gestimuleerd. Zo wordt bij Uber de  rekening automatisch afgeschreven en wordt de chauffeur direct via de app beoordeeld. Lees meer over het ontwikkelen van gewoontegedrag producten via The Hook Model.

6. Snel en gemakkelijk uitbreiden
Deelconcepten zijn erg goed schaalbaar. De investeringen zijn relatief beperkt en zitten met name in ICT, marketing en een flexibele kernbezetting. Door het gebruik van andermans spullen, digitale platformen, een eenvoudig verdienmodel en de inzet van de crowd kan er snel en gemakkelijk uitgebreid worden. Denk aan uitbreiding in aantallen steden, landen, aanbieders, gebruikers en aanvullende producten en diensten. Uiteraard is er voor een snelle wereldwijde groei veel geld nodig, maar daarvoor kun je aankloppen bij investeerders of de crowd via crowdfunding.

Meeliften op de hype
Met het hogere doel als ‘uithangbord’ liften nieuwe deelconcepten handig mee op de hype van de deeleconomie. Media besteden er volop aandacht aan, managementdenkers en goeroes schrijven er veel over en early adopters bloggen, filmen, chatten, liken en sharen er graag over.

Win-Win-Win
Deelconcepten zijn ook aantrekkelijk want ze bieden alle partijen waar voor hun geld. De aanbieders van kamers, tijd, deskundigheid, gereedschappen of auto’s krijgen er geld, leuke contacten of een goed gevoel voor terug. En dat allemaal voor zaken die anders toch niet gebruikt worden. De gebruikers krijgen er gemak, lagere prijs, bijzonder aanbod of een speciale ervaring voor terug. De initiatiefnemers verdienen op een gemakkelijke manier hun geld met het bij elkaar brengen van vraag en aanbod. Kortom, een echte win-win-win situatie.

Hoe verder?
Het is duidelijk. Zoek naar ‘spullen’ (capaciteit) die jan en alleman heeft, niet vaak gebruikt worden en die vaak voor korte of langere tijd gemist kunnen worden.

Denk in de consumentenmarkt aan: tuinen, campers, caravans, tenten, skikleding, skiboxen, schuren, parkeerplaatsen, opslagruimtes op zolder of in de kelder, geld, boten, galakleding, fietsen, scooters, speelgoed, muziekinstrumenten, computergames, boeken, tijd, talent (koken, knippen, naaien, klussen), etc.

Denk in de bedrijvenmarkt aan: grond, leegstaande bedrijfsterreinen, kantoorpanden en winkels, niet benutte kennis en ervaring, parkeerterreinen, geld, vergaderzalen, werkplekken, cloud-diensten, patenten, vrachtruimtes, personeel, machines en gereedschappen, etc. Zo gaat Rijnstate als eerste ziekenhuis in Nederland aan de slag met deeleconomie. Zij neemt deel aan de eerste business-to-business deelmarktplaats FLOOW2. Hier kunnen organisaties materieel en diensten onderling (ver)huren of (ver)kopen. Rijnstate hoopt hiermee (tijdelijk) onbenutte capaciteit in te kunnen zetten voor andere organisaties of doeleinden.

Bedenk vervolgens een ‘hoger’ doel. Bouw een digitaal platform. Mobiliseer de crowd met free publicity, guerillamarketing en slimme sociale media campagnes. Haak nog wat investeerders aan, start een crowdfunding campagne en ‘klaar is kees’. Bedenk wel dat je waarschijnlijk geen first-mover bent, maar dat hoeft geen probleem te zijn. Uit onderzoek blijkt namelijk dat het vaak beter is om fast-second te zijn als het om innovatie concepten gaat. Succes met je deelconcept!  

PS
De ruwe werkelijkheid van de nieuwe deeleconomie is vaak anders dan de idyllische wereld die in de media vaak geschetst wordt. Ondanks alle goede bedoelingen wordt het namelijk al snel ‘business as usual’. Er moet geld verdiend worden, er zijn investeerders nodig voor verdere uitbreiding en oprichters en aandeelhouders willen uiteindelijk cashen. Uit onderzoek blijkt dat gebruikers vaak mee doen omdat ze goedkoper uit zijn, het gemakkelijker of leuker vinden of wat extra inkomsten kunnen vergaren. Hoezo maatschappelijk doel? Puur eigenbelang! Succesvolle deelconcepten worden ook snel ‘gekaapt’ door reguliere aanbieders. Zo bieden inmiddels legio hoteliers, huisjesmelkers en B&B-eigenaren hun kamers aan op AirBnB. In Amsterdam worden er speciaal grachtenpanden voor aangekocht, want toeristen hebben veel geld over voor het ‘logeren bij een echte Amsterdammer in zo’n mooi authentiek grachtenpand’. Automerken als Mercedes kopen ‘carsharing’ start-ups op, om de boot niet te missen. Traditionele taxichauffeurs rijden zowel voor de aloude taxicentrale als voor Uber en particulieren willen via UberPOP als ‘illegale’ taxichauffeur vooral een centje bijverdienen. Maar ‘deeleconomie’ klinkt goed, de belevingsgerichte, vaak hoger opgeleide massa doet graag mee en media besteden er veel aandacht aan. Overheden en gevestigde marktpartijen hebben moeite met initiatieven als AirBnB en Uber want ze passen niet goed binnen de huidige wet- en regelgeving als het gaat om bijvoorbeeld veiligheidsnormen, arbeidsvoorwaarden en belastingen. Dagbladen als de Volkskrant en NRC schrijven regelmatig over de sociale nadelen van deze nieuwe deelconcepten. Deelconcepten schieten als paddenstoelen uit de grond dus de onvermijdelijke shake-out ligt op de loer. Welke deelconcepten zullen het gaan redden?



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen